1-, RA Gelderland, RBS 1719 [Doopboek N.H. Kerk Winterswijk 1772-1806], 7 Jun 1801. "[deed A160] 1801. den 2 Juny Jan Beekerink en Margaretha Everdina Cossink een dogter geboren en den 7 dito bij den doop de naem gegeven Jan Willem [sic!, moet zijn: Janna Berendina]."
1RA Friesland, OPST 6, 22 Feb 1756. "[Doop- en Trouwboek der Nederlandsch Hervormde Gemeente te Gorredijk, 1748-1772] 1756: Den 22 Febr. een soontje van Pytter van Otten, en Sjoukjen Klases, en is genaamt Philippus. [deed A14]."
2RA Friesland, HEM 2, 25 Jul 1809. "HEM 2 (authorisatieboek 1803-1811): Op Huiden den 25 van Hooimaand 1809, compareerden voor ons Baljuw en Secretaris van de Regtbank van het elfde District in Vriesland, Dirk Jans en Oepke Martens beiden woonachtig te Koudum, in qualiteit als op verzoek van Wijlen Philippus Pieters in leven Meester Bakker te Koudum, verzocht als Curatoren over deszelfs minderjarige nagelatene kinders met name Pieter, Lolke en Lutske, en door den Heere Baljuw in Deszelfs qualiteit in die keuze bevestigd, mitsgaders Pieter Cornelis, Meester Smid te Koudum, benoemd als toeziend voogd over gemelde minderjarigen, ten einde zij comparanten respectivelijk tot de uitoefening dier voogdijen, naar behoren zouden worden geauthoriseerd en geëedigd. Waarop aan hen werd voorgehouden de pligten aan hun ambt en bediening verknocht, en van hen gevorderd de plechtige belofte, dat zij zich in de uitoefening daarvan zoo getrouw - eerlijk - en met het belang der minderjarigen aan hun voogdij en toezicht aanbetrouwd meest overeenkomstig te zullen gedragen, hun voordeel in alle opzichten te trachten te bevorderen, zoo veel mogelijk hun nadeel vermijden, en zich in een woord op die wijze gedragen, dat zij zich steeds voor God en hun geweten zullen kunnen verantwoorden. Op welke belofte zij in handen van den Heere Baljuw de eed aflagen en alras in hunne functien werden bevestigd. In kennisse onze handen. [signed] Dirk Jans. Oepke Martens. Pytter Cornelis. S.A.A. Bongers. G. Keuchenius."
3RA Friesland, HEM K4, 28 Jul 1809. "HEM. K4. Weesboek 1786-1810, grietenij Hemelumer Oldephaert en Noordwolde, zonder foliëring.
28 hooimaand 1809. Geminuteerd op een zegel van 12 stuivers.
Inventaris gemaakt ten sterfhuis van Philippus Pieters te Koudum, van alle de goederen bij denzelven nagelaten, door Dirk Jans en Oepke Martens, als voogden over des overledenens nagelaten kinderen.
Levendig vee.
---------------------
Een zwart kortstaart merrie paard
Een moorkop kedde
Een zwart bonte koe
Twee hanen en 6 hennen
Boere reeuw etc. in 't klein schuurtje.
-----------------------------------------------------
Een broodwagen met raamd en dissel
Een chais en gereid
Twee zwart lederen hoofdstallen met een leidzel en een paar teugels
Een enkel zijle
Een dubbeld halsjok ketting
Een kroodwagen
Een hondeketting en halsband
Een rest turf ongeveer 10 schoun
Een sleeptrog
Een schape trog
Een varkens trog
Een suipvat
Een holle broodwagen
Vijf vorken in zoorten
In de tuin.
--------------
Twee hoenderhokken met lopen
In de kamer.
------------------
Bedgoed
--------------
Drie bedden
Twee peulen
Tien kussens
Vier wollen dekens
Een bonte dito
Een wollen dekenlap
Vier bedgordijnen en twee rabatten
Een kabinet
15 schotels op de rigchel
7 borden en 1 schotel op de mantel
15 kopjes op de rigchel
7 bierglazen
Een mosterdpot (Engelsch)
Porcelein
--------------
Zes kopjes en schoteltjes (Blauw)
Negen kopjes en schoteltjes in soorten
Zes kopjes en schoteltjes in zoorten
Negen kommen op het kabinet
Nog zes dito in soorten en een blauw kopje
Vier borden (Delfsch)
Drie Engelsche trekpotten
Twee dito dito
Een dito melkkan
Drie glazen fazen
Twaalf Engelsche borden
Acht Delfsche dito
Vier dito dito
Twee komtjes (Engelsch)
Acht kopjes dito
Vier thee schoteltjes in soorten
Een zoutvaatje (Engelsch)
Een dito zuikerpot
Een dito melkkan
drie dito komtjes
Een dito bordje
Twee borden (Delfsch)
Een dito doorslag
Twee dito schotels
Glaswerk
--------------
Drie bakulen waar onder een stukken
Een groote kan
Vier wijnroemers
Twee dito
Twee bierglazen
Zeven dito
Een azijn kantje
Een klein vlesje
Een twee bos
Twee liqeur roemertjes
Twee ronde glazen
Een groote glazen vles
Twee bonte Delfsche borden
Een grote oliekan
Twee kantjes
Twaalf ledige vlessen
Een pultrum met voetstuk
Twee hoekkasjes
Een lessenaar
Een vallend tafel
Een dito met een vast blad
Zeven stoelen
Een spiegel
Vier open korfjes
Een sluitkorf
Twee opgeplakte karten
Twaalf schilderijen
Een koffy kan
Een theestoof met ketel
Een dito zonder ketel
Een huisklok
Een dito
Een bedpan
Een stukje mat
Twee dito dito
Vier kruiken (Keulze)
Een kan (dito)
Een pot (dito)
Twee testen
Een blikken inkt koker
Een blikken komtje
Twee kranen [?]
Twee korfjes
Twee komvoren
Vier blikken blaadjes
Een kinder bakje
Een blikken tabaksdoos
In het kabinet
--------------------
Drie vrouwen zonhoeden
Drie doeken in zoorten
Vier tafellakens
Twee servetten
Een handdoek
Zes slopen
Drie dito
Vier lakens waarvan twee op het bedstede
Een lap linnen lang 21 ellen
Een paar handschoenen (vrouwen)
Een blauwe peulzak
Een doos met kindergoed
Een lap zits
Een halve witte doek
Een dito zijden gazen
Twee stop dassen
Een lange das
Een vijfschaften grijze vrouwenrok
Een dito karmozijnen dito
Een dito blauwe dito
Een voerlakens dito dito
Een laken
Een zwart schort
Een lap wit baay lang 2 elle
Een grijze lakensche jas
Een dito dito rok
Een dito serjes dito
Een zwart lakensche rokbroek en kamisool
Een zwart glad vestje
Een damasten baitje
Een greinen dito
Wat lapjes
Een zwart zergies de berrie broek
Een witt marseille baaitje
Een rood ziteken vrouwen jak
Een dito dito blaauw
Twee schitzen zonhoeds voeringen
Een dito benaaid onderst
Een schitzen lap
Zes vrouwe doeken in soorten
Twee zijden dito
Een doop dekentje
Een bonte schorteldoek
Twee dassen
Een blauw vengster gordijn
Een vuurmands kleed groen
In een pultrum
---------------------
Zes stalen vorken
Vijf tinnen lepels
Twee messen
Een zilveren leidbandsgesp
Twee zilveren broekgespen
Twee dito zuiker lepeltjes
Een zilver hegt en mes
Een bril met zilver gemonteerd
Aan zilvergeld F 102-18-00 [102 guldens, 18 stuivers, 0 penningen]
Een spaansche mat
Een zilveren penning
Twee kinder borstrokjes
Twee paar dito mouwen
Twee hemden dito
Een dito buisje (bont)
Vijf dito mutzen in soorten
Een dito rugrijf
een bonte kinderdeken
Een wollen dito dito
Een rood dito ruft
Een dito geel
Twee witte doeken
Een groen glasgordijn
Een vengster gordijn
Een onderst
Een halsdoek
Twee witte mutzen
Zes kussen slopen
Drie peulzakken
Vier lakens
Een bont vengster gordijn
Zes dwijlen
Een testament met zilveren haken
Een boekje met een dito
Een kastje met boeken
Een voetbank
Een houten Elle
Een handschrift van den heer Keuchenius houdende dat onder hem berust een obligatie ten laste van Fietje Jelles in leven te Koudum waar aan deze boedel compiteerd F 50-00-00 door cause van Tjalling Martens.
In het voorhuis
---------------------
Drie schilderijen in soorten
Acht houten emmers in zoorten
Een schape dito dito
een bokklen dito
Een jaaglijn
Een blikken theestoof
Een tafel
een tafel
Een baktafel
Een toonbank met zijn planke beschut
Vier stoelen
Een leuningstoel
Twee suiker trompen (blikken)
Twee suiker scharen
Twee linnen zakken
Drie stoven
Een veger
Strijkijzer en onderzetter
Twee gangelstokken
Twe ledige koekkisjes
Een hengel korfje
Twee koperen theeketels
Een koperen gortling met dito dekzel
Een dito boffertpan en dekzel
Een koffimolen
Twee ledige dozen
Vijf beschuit vaten
Een vleesch vat
Een nieuw ankervat
Zeven groote trompen (blikken)
Vier wat kleiner dito
Een blikken bus
Een klein tobbetje
Twee steenen boffert pannen
Een trommeltje
Een eirak
Twee ronde theebosjes
Een lairs
Een koffikan
Acht witte beeldjes
Twee schalen met een evenaar
Twee koekkisten
Een ronde houten mutse doos
Een meelkist
Een folio bijbel met koper
Twee groote bolle korven
Twee dito kleinder
Drie dito kleinder
Een groote koekkist
Veertien meelzakken
Acht zaadzakken
Drie tinnen halfmengels
Twee dito piepkannen
Twee dito trachters
Een dito trekpot
Twee dito borden
Een dito zoutkom en zoutvat
Een koperen schuimspaan
Een dito blaker
Een zaadpool
Een dito theeketel
Een dito snuiter en domper
Een dito gortling
Een dito bolle buisjespan
Een blikken taarteform
Twee koperen schaaltjes
Een dito zwarte theeketel
Pannekoekspan en hangtreeft
Een koperen baksaker
Een dito handvat
Een blikken vuilnisschop
Een ijzeren vijzel en stamper
Een dito aschschop
Een koperen tabakscomfoortje
Een verlakte blaker en snuiter
Een bezem
Een ijzeren doofketel
Twee koperen plaaten
Twee kleinder dito
Een oud ijzeren dito
Twee kleinder dito dito
Zes houten bakkersschotels
Twee ijzeren loeten
Twee steekijzer
Een bakje rolstokjes
Een ijzer schop
Twaalf bakkers borden
Een krente zeef
Twwe broodschalen en evenaar
Twee vaatjes
Een tang
Twee treeften
Een trompje
Twee bakkers meijen
Tien boldje kleedjes
Twee witte vengster boven gordijnen in de kamer
Twee onder dito dito aldaar
Een bont dito in het voorhuis
Een schoorsteenkleed (geverfd linnen) in de kamer
Een losse stelling
Een dito voor tweebaksvaten
Een tromperak met 6 planken in zijn zijstokken
Een losse trap
Een pannekoekspan
Een blauwe bedstrop
Een dito dito
Een jak
Een vuurtang en haardje
Een hangijzer en puister
Een lamptaren en twee zwafelstoksdoosjes
In het loots
----------------
Een sjeeskussen
Drie paardedekens
Twee lampen
Een hoekkasje
Een zitbank
Twee wasch tobben
Een schoorsteenketting
Een groote ton en dekzel
Een scherm
Een rond tafeltje
Een lepelrak
Een arm kofje en een plat dito
Vier kleine trufmanden
Op de groote zolder
------------------------------
Een groote meelkist
Een builkist
Een half loopens maat
Een blikken meeltregter
Een 4de lopens maat
Een 8te dito dito
Twee meelbakjes
Een kleine meelkist
Een zeef
Een rasp
Een rest takken
Twee vegers en een blikjen
Twee zaadschoppen
Een schoorsteenkleed in de loots (geschilderd)
Drie schamels
Een partij rogge leggende op de groote zolder
Aldus geïnventariseerd ten overstaan van den Heere Baljuw over het Elfde district in Vriesland en de gezworen klerk van Hemelumer Oldephard ten sterfhuize voorschreven te Koudum den 28 van Hooymaand 1809 in kennisse onze handen.
[signed] Dirk Jans; Oepke Martens; L.A.F. Rengers; Freins Annes; coll. conc. H. Keuchenius, secretaris."4RA Friesland, HEM 9', 7 Mar 1792. "[Lidmatenboek Koudum 1772-1867, Gereformeerd] Anno 1792. Op belijdenis van hun geloof zijn tot ledematen aangenomen den 7 Maart 1792: Philppes Pieters, meester bakker, en deszelfs huijsvrouw Mayke Lolkes. [deed A367]."
1RA Friesland, HEM 9', 7 Mar 1792. "[Lidmatenboek Koudum 1772-1867, Gereformeerd] Anno 1792. Op belijdenis van hun geloof zijn tot ledematen aangenomen den 7 Maart 1792: Philppes Pieters, meester bakker, en deszelfs huijsvrouw Mayke Lolkes. [deed A367]."
1RA Friesland, HEM 8, 4 Apr 1790. "[Doopboek Koudum 1771-1811] Anno 1790. De 4 April. Vader: Philippus Pytters, Moeder: Mayke Lolkes, een zoon Pytter, geboren de 28 Februari 1790. Vader getuige. [deed A361]."
1RA Friesland, HEM 8, 17 Jan 1796. "[Doopboek Koudum 1771-1811] Anno 1796. Den 17 Januari 1796. Vader: Philippus Pieters, Moeder: Mayke Lolkes, een Dogter Sjoukje geboren in Coudum den 7 Januari 1796. de Vader getuige. [deed A363]."
1RA Friesland, HEM 8, 9 Jun 1799. "[Doopboek Koudum 1771-1811] Anno 1799. den 9 Juny. Vader: Philippus Pieters, Moeder: Maike Lolkes, Een zoon Sjouke, Gebooren den 26 Mey 1799. de Vader getuige. [deed A365]."
1RA Friesland, HEM 8, 4 Jan 1801. "[Doopboek Koudum 1771-1811] Anno 1801. 4 Januari. Vader: Philippus Pieters, Moeder: Maike Lolkes, Een dogter Maike, Geboren in Coudum 20 decemb[er] 1800. de Vader getuige. [deed A366]."
1GA Leeuwarden, Overlijdensregister 1838, 17 Mar 1838. "[deed A70] Acte Nummer 164: In het Jaar een duizend acht honderd acht en dertig, den zeventienden dag der maand Maart des nademiddags te een ure, zijn voor ons Pier Zeper, Wethouder der Stad, aan Denwelken de Burgemeester, bij Besluit van den eersten January dezes jaars, heeft opgedragen de functien van Officier van den Burgerlijken Stand der Stad Leeuwarden, Provincie Vriesland, gecompareerd: Anne van Otten, oud zeven en veertig jaren, Boendermaker, zoon van den overledene, en Johannes Gemser, oud zes en vijftig jaren, Koopman, beide alhier woonachtig, welke ons verklaard hebben, dat Klaas Pieters van Otten, oud tachtig jaren, Koekbakkersknecht, geboren te Gorredijk, wonende te Leeuwarden, weduwnaar van Antje Annes Dijkstra en Zoon van Pieter van Otten, en van Sjoukje Scheffers, beide overleden, op den Zestienden dag der maand Maart des morgens te negen ure, in de Wijk Letter E, Nommer een honderd negen en negentig alhier is overleden, en hebben wij deze Acte aan de Declaranten voorgelezen, welke dezelve, na zulks, met ons hebben geteekend. [signed] A. van Otten; J. Gemser; Pier Zeper."
1RA Friesland, Baarderadeel 16, Doopboek Jorwerd 28 juni 1772 - 22 sept 1811, 19 Oct 1794. "[deed A125] 1794 Den 19 Oct is gedoopt het Dochtertje van Claas Pyters, en Antje Annes, Echte Lieden te Jorwert geboren alhier den 8 oct 1794 en genaamt Sjoukje."
2GA Leeuwarden, Overlijdensregister 1845, 28 Feb 1845. "[deed A74] Acte Nr. 124 In het Jaar een duizend acht honderd vijf en veertig, den acht en twintigsten dag der maand February, zijn voor ons Oeds Petrus Waller, Wethouder, Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der Stad Leeuwarden, Provincie Vriesland, gecompareerd: Pieter van Otten, oud negen en vijftig jaren, broodbakker, broeder van de overledene, en Johannes Schrijnhout, oud zeven en zeventig jaren, zonder beroep, beide alhier woonachtig, welke ons verklaard hebben dat Sjoukje van Otten, oud vijftig jaren, zonder beroep, geboren te Jorwerd, wonende te Leeuwarden, ongehuwd, Dochter van Klaas van Otten, en van Antje Annes Dijkstra, beide overleden, op den acht en twintigsten dag der maand February, des morgens te drie ure alhier is overleden, en hebben wij deze Acte aan de Declaranten voorgelezen, welke dezelve, na zulks, met ons hebben geteekend. [signed] P. van Otten; J. Schrijnhout; O.P. Waller."
1RA Friesland, Baarderadeel 16, Doopboek Jorwerd 28 juni 1772 - 22 sept 1811, 24 Aug 1800. "[deed A125] 1800 Den 24 Aug. is gedoopt het zoontje van Claas Pyters, en Antje Annes, Echtelieden te Jorwert, geb. alhier den 13 Aug 1800 en is genaamt Cornelis."